Feminisme voor Onderweg
Lezers van dit blad weten ongetwijfeld wel een enkele tegendraadse visie te waarderen. Als het maar over dieren gaat. Welnu, in ‘Bitch; een revolutionair handboek over sekse, evolutie & het vrouwtjesdier’ maakt de Britse zoöloge Lucy Cooke gehakt van onze (?) opvattingen over het geslachtsonderscheid bij alle dieren.
In de Nederlandse titel is helaas ‘Bitch’ gehandhaafd, hoewel ‘Teef!’ dezelfde dubbele betekenis zou hebben. Gelukkig is dit een der weinige anglicismen in de uitstekende en welkome vertaling door Inge Pieters. Welkom, omdat Cooke ons trakteert op een hoeveelheid diersoorten die een grote pet vergt om ze in te gooien, ik zou dat niet graag in het Engels moeten behappen. Zo’n pet heeft overigens vaak een index – die hier helaas ontbreekt.
Maar het boek is zijn 22×13,5×3,2cm, 430gr. en 445blz. dik dik waard. Al heeft het zo’n geplakte terugveerrug waardoor je met twee handen moet lezen, een beetje zoals de bidsprinkhaan op het voorblad zou doen. Lucy Cooke betoont eerst haar bewondering voor de grondlegger van de evolutietheorie Charles Darwin met zijn idee van de natuurlijke selectie, om meteen daarop zijn later verkondigde idee van de seksuele selectie binnen een keurige ondubbelzinnige mannetje-vrouwtje indeling af te kraken, omdat “er geen barst van klopt”. (Ze gebruikt wel vaker leesbare formuleringen.) Voor de rest is eerder genoemde pet zó vol uitzonderingen op de regel van mannelijk initiatief versus vrouwelijke passiviteit dat er van de regel zelf weinig overblijft (dat wist u toch hè, dat de uitzondering de regel niét bevestigt!).
U moet het Voorwoord (eigenlijk een Inleiding) maar lezen, en hoofdstuk 1 (‘Geslachtelijke anarchie’), om te weten waar ze qua motivatie vandaan komt (niet alleen door haar wetenschappelijke opvattingen, ook door haar positie als vrouw) en waar ze heen wil; zie ook slothoofdstuk 11 (‘Het binaire stelsel voorbij’). De rest is bewijsvoering per thema, duizelingwekkend informatief en vaak, ahum, nogal smakelijk. Het begint al bij de slingeraap, waar het vrouwtje een uitwendig bungelende clitoris heeft die groter is dan het weggestopte pikkie van vader de man. Over dit soort anatomische verrassingen gaat hoofdstuk 1. Diergedrag kan al even kleurrijk zijn, zoals we zien in h.2 over partnerkeuze, waar bijvoorbeeld het waaierhoenmannetje zich uitslooft in potsierlijke bewegingen en geluiden, met behulp van opblaasbare en uitzetbare kwabben en veren die geen enkel ander doel hebben dan om een vrouwtje te lokken; en dat vrouwtje beslist of dit op seks uitloopt. Bij veel spinnen wordt het consummeren overigens vaak gevolgd door consumeren – van de (veel kleinere) vrijer! Bij bidsprinkhanen kan dit zelfs tegelijkertijd….
Overal in Cooke’s waarnemingen en conclusies spelen mannetjes een secundaire, slechts een noodzakelijke rol. In zoverre kun je het boek feministisch noemen, als deze kwalificatie tenminste ook voor de niet-menselijke dierenwereld geldig is. Maar de auteur maakt verder geen vergelijkingen met wat wij pratende primaten doen, laat staan dat ze mogelijkheden oppert voor menselijk handelen; de betiteling ‘revolutionair handboek’ blijft dan ook onvervuld, behalve misschien onder zoölogen. Hoezo dan het binaire stelsel voorbij? Ik wed dat velen onder u (of boven u) de voordelen van althans een binair liefdeleven (mits met gelijkwaardige partners!) hebben ervaren. Dié ontkennen, dat zou nog eens revolutionair zijn geweest… Volgend boek, Cooke!
Tenslotte een internet-tip: op Youtube staan prachtige docufilmpjes van Lucy Cooke, waaronder over ‘Bitch’. Wat een leuk wijf zeg – neenee, ik maak geen schijn van kans, ze is veel te dik met die luiaard (‘sloth’; met Ned. ondertitels).
‘Bitch; een revolutionair handboek over sekse, evolutie en het vrouwtjesdier; door Lucy Cooke, vertaald door Inge Pieters; uitgeverij De Geus, 2024; ISBN 978 90 445 4890 7; €27

