Gezeur

Gisteren hoorde ik over de radio een mevrouw van de vereniging Ypsilon, dat is de vereniging van familieleden van mensen met schizofrenie, en die mevrouw had zich gestoord aan een tv-spotje van de overheid, van Postbus 51, u weet wel. In dat spotje zie je een paar mensen door een bos lopen terwijl je stemmen van onbekenden hoort die voortdurend het woord “stemmen” uitspreken. Dat blijkt dan een oproep te zijn om te gaan stemmen voor de Europese verkiezingen begin juni.

En nou had die mevrouw van Ypsilon bedacht dat mensen met schizofrenie hierdoor verward zouden kunnen worden, of gekwetst, en zowaar ze had er ook eentje gevonden die zich een beetje ge-stig-ma-ti-seerd had gevoeld. U weet misschien dat schizofrenie een psychiatrische ziekte is, waarbij je af en toe dingen hoort of ziet die er helemaal niet zijn of dingen denkt die helemaal niet kloppen.

Wat het meeste voorkomt dat zijn stemmen die uit het niets tot je komen. Zeer levensecht ervaren stemmen, met doorgaans een negatieve boodschap, bijvoorbeeld iets van “je bent een waardeloos prul”, of  “wordt het geen tijd dat je je eindelijk eens van kant maakt slapjanus?”, of  “je bent een tuthola van Ypsilon”. Maar die stemmen zeggen nooit het woord “stemmen” zoals in dat spotje van postbus 51, dus het verband met schizofrenie kun je er alleen maar met de haren bijslepen. Ik loof bij deze namens Radio Signaal een prijs uit voor de eerste schizofreen die stemmen heeft gehoord die “stemmen” uitkraamden. Volgt u me nog?

Gezeur van de bovenste plank dus. Helaas komt dat vaker voor in de geestelijke gezondheidszorg, dat wil zeggen bij de patiënten en hun sympathisanten. Ik zit zelf in die gekkenbeweging dus ik kan het weten. Dat ik bijvoorbeeld vaak “patiënten” zeg dat valt slecht, want wij heten “clíënten” vindt men, patiënt klinkt nl. zo onmondig hè. Wat een gezeur, en een belediging voor kankerpatiënten alsof dat onmondige verslaafden aan chemotherapie zouden zijn, of nierpatiënten die dan onmondige zeikerds zouden wezen. Het woord patiënt betekent alleen maar dat je ergens aan lijdt. En psychiatrische patiënten lijden echt ergens aan, sommige van hen vooral aan gezeur maar de meeste aan heel wat meer.

De laatste tijd gaat de traditionele psychiatrie steeds meer samen met de hulp aan daklozen en verslaafden, wat bijna iedereen een vooruitgang vindt. Maar er zijn nog steeds daklozen die volhouden dat ze volkomen normaal zijn, dat het heel gewoon is dat je geen uitkering kunt aanvragen en geen huis kunt vinden of zelfs maar het kleinste kamertje, zíj gestoord? nee kom nou! En er zijn verslaafden die je geen psychiatrisch patiënt mag noemen, terwijl ze zelf toegeven dat ze onvoldoende zelfbeheersing hebben, beheersing over hun eigen wil, wat een van de definities is van een psychiatrische aandoening. Oh oh wat een gezeur!

Ik zal u nog meer vertellen. De hele psychiatrische diagnose van een “neurotische persoonlijkheid”, die komt er eigenlijk ongeveer als het ware een beetje zogezegd min of meer op neer dat je een ziekelijke zeur bent. Pech maar waar.

Maar dan nu het goede nieuws. Die mevrouw van Ypsilon stond in deze kwestie namelijk vrijwel alleen. Iemand anders van haar eigen vereniging vond die tv-spot helemaal niet erg, en een woordvoerder van een patiëntenvereniging voor schizofrenie stond er zelfs positief tegenover, dacht dat door een beetje luchtige aandacht voor het verschijnsel van stemmenhoren het stigma daarop kon verminderen. Zó mag ik het graag horen!

En wij weten nu ook, hoe je aandacht kunt krijgen van die gestoorde primeurgieren van de radio. Als een mooie aanslag of zelfverbranding teveel moeite is, kom je een heel eind met slap gezeur.

Muziek:

Laatste deel van de zesde symfonie van Tsjaikofskie, SPOOR 4 van de CD. Weer naar believen wegdraaien. Na ongeveer 6 minuten komt er een gecomponeerd stukje (bijna) stilte, tegen die tijd heb je al afgenokt denk ik.

Aanbevolen afkondigingstekst:

“De dramatische muziek die we hoorden was uit het slot van de zesde symfonie van de Russische componist Pjotr Iéljietsj Tsjaikófskie [dat is meteen ook de juiste uitspraak], die leefde van 1840 tot 1893.

Het wordt ook wel de ‘Pathetische Symfonie’ genoemd, en de sombere stemming heeft vrijwel zeker met Tsjaikofskie’s leven te maken. Ontzettend nuchtere zielen zouden het onvriendelijk de Zeursymfonie kunnen noemen, maar dan is het wel het mooiste gezeur dat we konden vinden.”


© 2024 Toon van der AA